Enkel het gezelschap avonturiers behaald de finish. Corin eindigt als eerste. Nokk volgt daarop als tweede met vlak daarachter Flaw op de derde plaats. Gevolg door Flint en Wulfgar. Een goede winst voor de groep.
Kwayothe komt aanlopen. Ze kijkt een stuk tevredener dan bij de vorige ontmoeting. Ze komt een stuk relaxter over. Ze wekt de indruk dat ze wat meer respect heeft gekregen voor de groep avonturiers. Ze feliciteert de winnaars en overhandigd de prijzen.
Corin krijgt voor zijn eerste plaats een medaille, een zak met 200 gold pieces en een ring genaamd Ubtao. Nokk ontvangt ook een medaille en een zak met 150 gold pieces. Ook Flaw ontvang een medaille en krijg een zak met 100 gold pieces.
Flint wil de ring van Corin zien. Flint bekijkt de ring en medailles. Het is een zegelring met een labyrint bovenop. Flint herkent het vaag, maar kan het niet helemaal thuis brengen. Flint bekijkt de medailles, bijt er even in. Ze zijn niet echt bijzonder. Helaas geen echt goud.
Corin doet de ring aan. Hij voelt zich niet anders, maar de dino waar hij de race mee heeft gewonnen begint als een malle kopjes te geven en aan zijn hand te likken.
De arena is inmiddels ver leeggelopen. Aan de andere kant van de muren zijn nog wel duidelijk festiviteiten aan de gang. En klinkt muziek en gelach. Het heeft is daar nog in volle gang. Plots klinkt er hard gegil van buiten de arena. Corin, Flint en Flaw rennen naar de uitgang van de arena, maar zien daar nog niet wat er aan de hand is. Ze horen links van hun een hoop commotie.
Wulfgar en Nokk snellen zich de trappen op om zo vanaf de muur te kijken wat er aan de hand is. Zij zien daar dat een dino iemand doormidden heeft gebeten. De dino zelf is nog niet rustig. Het is een vrij jonge dino en heeft nog een zadel op zijn rug. Vlak bij de dino ligt een man op de grond die om hulp roept. Wulgar roept “Oppassen, er loopt hier een dino die door het dolle heen is! Hij heeft iemand doormidden gebeten!”
Nokk neemt een sprong met de bedoeling om in het zadel van de dino te belanden. Helaas springt hij finaal mis en zijn val is daarmee een stuk dieper dan bedoeld. Hij komt met een smak op de grond terecht wat het zand doet opstuiven. Imiddels zijn Corin, Flint en Flaw de hoek om gekomen en zien ook wat er gaande is. Flint zet het op het lopen en roept: “Nokk!! Zet je schrap! Ik wil via jou op de rug van de dino springen!!”. Ook Flint is niet fortuinlijk. Hij struikelt en komt met een plof voor de voeten van Nokk terecht.
Corin loopt op de dino af, steekt zijn armen in de lucht en probeert de dino te kalmeren. Daar is de dino weinig van onder de indruk. Flaw ziet het gestuntel van zijn mede avonturiers met lede ogen aan. Hij neemt nog een trek van zijn sigaar en bereid een magic missle voor, voor het geval de boel escaleert. Wulfgar pakt zijn boog en neemt een actieve houding aan en roept naar de menigte: “Van wie is dat beest?!”. Er volgt een antwoord uit de menigte: “Weten we niet, hij is iets aan het zoeken!”.
Nokk probeert de dino te laten schrikken, maar ook deze actie mislukt finaal. Ook hier is de dino niet van onder de indruk en woelt driftig door allerlei kraampjes op zoek naar iets.
Flint maakt een ‘mental picture’ om later een tekening te maken van het tafereel. Hij probeert via de zijkant van de dino op het zadel te komen. Ook zijn tweede actie mislukt. Hij glijdt uit en komt weer op de grond terecht.
Corin doet de ring af die hij zojuist heeft gewonnen in de hoop dat de dino daarop kalmeert. Helaas heeft dit geen enkel effect. Dan besluit ook hij om op de rug van de dino te springen. Hem lukt het wel om in het zadel te belanden. Hij klampt zich goed vast terwijl de dino nog steeds druk op zoek is naar iets.
Flaw slaakt een zicht bij het aanzien van het gestuntel van zijn mede compagnons. Trekt een beetje verbaast een wenkbrauw op als Corin erin slaagt op de dino te belanden. Hij neemt nog een trek van zijn sigaar en observeert de dino en de omgeving.
Wulfgar staat nog steeds klaar boog. Hij bekijkt de dino eens goed. Die houdt zijn hoofd de hele tijd laag en raast overal doorheen en roept naar zijn vrienden dat de dino ergens naar op zoek is. Op dat moment draait de dino zich om en gaat bij één stand staan om door doelbewust te zoeken.
Nokk ziet bij dat kraampje wat fruit en nootjes. Niets bijzonders wat een dino zou willen hebben. Hij doorzoekt de man op de grond. Waarop de man roept: “Wat doe je?!? Haal me hier weg!”. Flint onderzoekt de omgeving en helpt de man uit de gevarenzone. Ondertussen probeert Corin de dino tot rust te manen en dit lukt nog ook wonderbaarlijke genoeg. Vervolgens ziet hij iets onder de kraam vandaan schieten. Het lijkt wel een soort konijn, maar dan met een hoorn op zijn hoofd. Corin roept naar zijn mede avonturiers dat hij iets weg ziet schieten naar een ander kraam. Flaw kijkt het tafereel met lede ogen aan.
Wulfgar roept naar Flint: “Gooi een touw naar Corin!”. Nokk heeft het beestje ook gespot en trekt zijn boog en vuurt een pijl af. De pijl is raak en schiet dwars door het vreemde beestje heen. Daarna sprint hij er op af en gooit het inmiddels morsdode beestje naar de dino. De dino vangt hem en eet hem direct op. Daarna kalmeer hij eindelijk.
Flint helpt de man overeind. De man vraagt hoe hij ons kan bedanken. Hij verteld dat hij Grandfather Zitembe is. De hoofdpriester van de tempel Savras. Zitembe wordt al door ogenschijnlijk bekende van hem half mee getrokken: “Kom! Het is hier te onrustig”.
Zitembe verteld nog dat het niet waarschijnlijk is dat de aanval opzettelijk was. De almiraj die de dino zojuist verslonden heeft en hem dol had gemaakt worden wel vaker verkocht in kooien, hoewel ze verboden zijn in de stad. Het is wel duidelijk waarom. Dit onfortuinlijke exemplaar is waarschijnlijk ontsnapt. Daarna wordt hij door zijn vrienden meegetrokken terug richting de tempel. Hij roept nog: “Kom langs de temple! Dan kunnen we nog verder praten.”
Dat doet het gezelschap dan ook direct. Eenmaal bij de tempel aangekomen lopen ze naar binnen en treffen daar een aantal personen aan kledij die ze nog niet eerder hebben gezien in een discussie met Zitembe. Vaag vangen ze wat van het gesprek op “Artis Cintler.… Cast een spel om hem te vinden…. Bieden ruby van 500….”.
Flint zeg: “We komen voor Zitembe.”. Waarop de groep duidelijk geïrriteerd naar buiten loopt. Zitembe daarentegen ziet er opgelucht uit. Hij leid het gezelschap naar een andere ruimte zodat we in alle rust kunnen praten.
Flint is super geïnteresseerd in wat daar allemaal te zien valt en bekijkt de boekenkasten. En geeft aan dat hij heel graag meer zou willen leren. Zitembe vraagt: “Wat weet je al?”. Flint antwoord daarop: “Bar weinig..”
Zitembe verteld wat over de geschiedenis van het eiland: “Ubato, heeft jaren geleden het eiland verlaten. Sindsdien is het eiland helemaal naar de tyfus. Temple of the benine … god. Aanhanger van de temple savras mogen niet liegen.” (Heb ik niet helemaal zuiver genoteerd… )
“Het eiland bevat rustige en drukke gedeeltes met enorm veel ondoden. Die ondoden zijn dan ook een van je grootste zorgen in de jungle. De dino’s niet zo zeer. Zolang je die niet aanvalt en met rust laat zullen ze jullie over het algemeen ook niet aanvallen. Er is helaas geen kaart. Dat wat jullie al hebben is al heel wat. Nasri, heeft een grote plaag zombies gecreëerd. Wel 10,20,30 duizend zombies Met driehoek op hoofd. Geprobeerd stad Mezro over te nemen. Dit is mislukt, maar de ondoden dwaalen nog rond op het eiland. Over de deathcurse weet hij niets.”
Zitembe heeft ook nog een queeste voor het gezelschap. De tempeliers van de Order of Gaultlet hebben een tempel (Camp Righteous) gevonden met talrijke schatten. Ze hebben zich teruggetrokken en een fort gebouw genaamd Camp Vengeance. Daar hebben ze veel last van ziektes. Zitembe heeft een voorraad medicijnen die daar naartoe moet. De beloning: 200 gold pieces vooraf en 200 gold pieces achteraf
De avonturiers besluiten na overleg om de queeste aan te nemen maar verwittigen Zitembe wel dat ze eerst een andere opdracht moeten vervullen waar de nodige tijdsdruk op zit. Flint laat de kaart markeren waar het kamp zicht bevindt.
De groep overlegt hoe ze het gaan aanpakken: Het plan is: Van Port Nyanzaru gaan we eerst via de brug iets naar het zuiden naar Fort Beluarian, dan terug naar Port Nyanzaru en dan door naar Camp vengeance om de medicijnen te droppen. (Daarna nog naar Corn voor het amulet.)
Zitembe overhandigd 200 gold pieces. De groep trekt de stad in om voorraden in te slaan. Er worden flink wat rantsoenen en insect repelant (ofwel deed) ingeslagen. Na een goede nachtrust verlaten ze de stad en trekken het buitengebied in. Op weg naar Fort Beluarian.
De vreemde geuren en het geluid van Port Nyanzaru verdwijn en maken plaats junglegeluiden en een benauwde lucht. Flaw neemt als eerste de rol als navigator op zich. Gewapend met frisse moed leidt hij het vijftal snel en accuraat door de jungle. De reis verloopt vooralsnog voorspoedig.
In het begin staan de bomen nog ver uit elkaar, dat wordt steeds dichter. Eenmaal bij de brug aangekomen wordt deze flink geïnspecteerd om te kijken of het wel veilig is om over te steken. Flint bekijkt de brug en concludeert dat de brug van steen is niet van hout. Er lijkt niets mis met de brug.
Er liggen veel gele bladeren op de bodem. Nokk inspecteert de bladeren. Hij heeft het idee dat de bladeren wel apart zijn. Je zou er iets mee kunnen, maar weet niet wat. Flint kijkt in frolo’s guide of monsters maar ziet niets over bladeren. Flaww gebruikt zijn wand of secret op de bladeren. Hij ziet niets magisch in de omgeving om zich heen. Wulgar pakt een 6 stuks bladeren mee en inspecteert de brug ook nog een keer. Het gezelschap vertrouwt en luisterd prachtig naar elkaar.
Voordat Wuflgar de oversteek maakt bint Flint een touw om hem heen. Eenmaal aan de overkant aangekomen zoeven er een paar pijlen door de jungle en komen vlak voor zijn voeten terecht. Nokk sprint de brug over, verschuild zich direct achten wat bomen en gaan in de aanslag staan met pijl en boog. Wulfgar roept: “We in een hinderlaag terecht zijn gekomen!” en zoekt dekken tussen de bomen.
Nokk wordt beschoten en wordt geraakt in zijn grote teen. Een goblin rent tussen de bomen vandaan op Nokk af. Nokk schiet direct een pijl en mist door de schrik. De golbin echter, slaat wel raak. Flaw vuurt een magic missles op de goblin af. De missles vliegen door de oren van goblin het hoofd binnen en hij valt hartstikke dood.
Corin rent naar de overkant en duikt achter een boom met boog in de aanslag. De aap heeft honger en slaat op Corin zijn hoofd, hij laat hem in zijn rugzak.
Flint rent ook naar de overkant en probeert intimiderend over te komen en schreeuwt: “WHAAAAAAA!!” waarop een angst kreet te horen is. Daarna worden de vijanden zichtbaar. Nokk stapt na de klap die hij heeft ontvangen achter een boom om zich beter te verschuilen. Wulfgar rent op een van de goblins af. Probeert zijn bijl op de goblin te rammen, maar slaat net over hem heen. Een ander goblin en eind weg rent weg en roept: “Mama!!” De golbin waar Wulfgar net overheen geslagen heeft wil ook weg rennen. Dat laat hij echter niet zomaar gebeuren en ramt zijn bijl dwars door het midden van de golbin die in twee stukken op de grond valt. Zelfs zijn boog ligt in tweeën.
Dat was de eerste vijandige ontmoeting in de jungle
Corin probeert zijn aapje uit te leggen dat hij niet moet gaan slaan als hij honger heeft. Het aapje heeft het door, maar kijkt wel boos en geïrriteerd. Hij krijgt wat te eten en is blij. Kruipt weer de rugzak in. De goblins hebben alleen roestige rommel en leren kleding. Ze nemen er niets van mee.
Het is al einde dag en ze besluiten een kamp op te slaan iets verder op in de jungle weg van het pad. Er wordt een volgorde van wacht afgesproken: Flint, Corin, Wulfgar Nokk, Flaw. Corin traint zijn aapje tijdens zijn wacht. Flaw pist zijn eigen onder tijdens zijn wacht. Niemand weet waarom..
De nacht verloopt voor de rest rustig.
